Digital  Creations Begrippen Belichting als basis van goed fotograferen Belichting is één van de belangrijkste aspecten van goed fotograferen. De belichting is de totale hoeveelheid licht die door het openen van de sluiter op de sensor valt om een beeld vast te leggen. _______________________________________________________ ASA ASA is een afkorting van American Standardisation Association. Tegenwoordig wordt de term ASA nog wel gebruikt voor het aangeven van de filmgevoeligheid, hoewel deze officieel vervangen is door de term ISO. Bij fotorolletjes heb je de keuze uit verschillende ASA mogelijkheden.  Bij digitale camera's wordt deze term echter vrijwel altijd aangegeven als ISO. _________________________________________________________ Beeldsensor De beeldsensor is het belangrijkste onderdeel van de digitale camera. Waar vroeger het filmpje het hart van de camera was, is de sensor dat nu. Op de sensor wordt door miljoenen lichtgevoelige elementen het invallende licht geregistreerd. De bekendste typen sensoren zijn CMOS en CDD _______________________________________________________ CMOS CMOS staat voor Complimentary Metal Oxide Semiconductor. Dat staat voor een halfgeleidertechniek die gebruik maakt van Metaal-oxide veldeffecttransistoren. CMOS schakelingen worden veel gebruikt in geïntegreerde circuits, ook wel IC's genaamd, onder meer vanwege het relatief lage stroomverbruik van de schakelingen. Mede dankzij het lage stroomgebruik wordt CMOS technologie gebruikt bij de fabricatie van beeldchips. Hierin is het de grootste concurrent van de CCD. Een eigenschap van CMOS chips is dat veel van de nabewerkingen die bij een CCD nodig zijn op de chip zelf uitgevoerd worden, zoals versterking, ruisreductie en interpolatie. Waar bij een CCD de lading aan het eind van de hele reeks pixels omgezet wordt naar een voltage gebeurt dit bij CMOS op elke pixel apart.  In consumentenapparatuur, zeker waar een zo laag mogelijk stroomgebruik wenselijk is, worden steeds vaker CMOS sensoren toegepast. Het is ook veel goedkoper om te produceren en daarom worden ze ook steeds vaker in digitale spiegelreflex camera's toegepast. _______________________________________________________ CCD De CCD (Charge Coupled Device) bevindt zich achter de lens (objectief) van een digitale camera. Deze chip bestaat uit reeksen van condensatortjes die verbonden zijn door elektronische schakelaars. Het licht dat op de chip valt wordt omgezet in een elektrisch signaal door deze schakelaars. Dit signaal wordt vervolgens door een andere chip omgezet in een digitaal signaal, bestaande uit uitsluitend enen en nullen. Deze enen en nullen worden opgeslagen als een foto op de geheugenkaart van de camera. _______________________________________________________ CF (Compact Flash) Compact Flash is tegenwoordig het populairste opslagmedia voor Digitale Camera's. Van de simpelste digitale compact tot professionele spiegelreflex camera's, overal wordt deze kaart gebruikt. Zijn populariteit is mede te danken aan zijn enorme opslagcapaciteit. _______________________________________________________ FPS FPS oftewel Frames Per Seconde geeft aan hoeveel beelden een camera in één seconde kan maken. _______________________________________________________ Gezichtsdetectie Dit is een techniek welke herkent wanneer er een gezicht in beeld is. Wanneer dit het geval is wordt er automatisch scherpgesteld op het gezicht. _______________________________________________________ Kleurtemperatuur De variate in het uiterlijk van licht wordt in de fotografie aangegeven met het begrip kleurtemperatuur. De eenheden op deze schaal worden gemeten in Kelvin. Het bereik van de kleurtemperatuur loopt grofweg van 3200 Kelvin (een goeilamp) tot ongeveer 8000 Kelvin (in de schaduw onder een bewolkte lucht). Normaal daglicht (rond het middag uur op een gemiddelde zomerdag) heeft een kleurtemperatuur van 5500 Kelvin. Als u op een gemiddelde zomerdag bij een kleurtemperatuur van 5500 Kelvin fotografeert met een lagere kleurtemperatuur dan verschijnt er een blauwe zweem op de foto. Bij een hogere temperatuur zal er juist een oranje zweem op de foto te zien zijn. Dit kan mooie effecten op uw foto bewerkstelligen, maar indien dit niet gewenst is dient u de witbalans van uw camera aan te passen naar de juiste kleurtemperatuur. _______________________________________________________ FX De lettercombinatie FX wordt door Nikon gebruikt om aan te geven dat een camera beschikt over een sensor beschikt die even groot is als het oude kleinbeeldformaat waarmee vrijwel alle analoge spiegelreflexen mee hebben gewerkt. Men noemt deze eigenschap ook wel fullframe. _______________________________________________________ Megapixel De resolutie van een digitale camera wordt in megapixels weergegeven. Eén megapixel is gelijk aan 1 miljoen pixels. Het aantal megapixel kun je berekenen door het aantal horizontale met het aantal verticale lijnen vermenigvuldigen. Een camera die foto's maakt met een resolutie van 2000 x 1500 pixels heeft dus een resolutie van 3 megapixel. _______________________________________________________ Witbalans Witbalans is een methode die gebruikt wordt in digitale camera's om nauwkeurig de juiste kleuren van verschillende lichtbronnen vast te leggen. Wanneer u namelijk een foto maakt zal er afhankelijk van de kleurtemperatuur een rode of blauwe zweem te zien zijn. Om dit tegen te gaan moet de witbalans in de camera aangepast worden. U kunt dit automatisch door de camera laten doen, maar ook kunt u deze zelf handmatig instellen. De meeste digitale camera's hebben namelijk standaard witbalansprogramma's zoals daglicht, schaduw, bewolkt, kunstlicht en flitslicht. Bij bepaalde camera's is het zelfs mogelijk om de witbalans in te stellen op een specifieke kleurtemperatuur in Kelvin. _______________________________________________________ Sluitertijd Een sluiter is een soort valluik dat zich tijdens de opname opent om het licht door te laten. De sluitertijd wordt berekend in (fracties van) seconden: 5 seconde, 1/4 seconde, 1/60 seconde, 1/1000 seconde, enz. De tijd dat de sluiter open staat en dus hoe lang de belichtingstijd is, is afhankelijk van de filmgevoeligheid. Bij een lange sluitertijd moet je er rekening mee houden dat het onderwerp niet mag bewegen. Beweegt het onderwerp wel dan ontstaat de beroemde 'bewegingsonscherpte'. Een snelle sluitertijd van 1/2000 zal een bewegend onderwerp ?bevriezen? zodat details zichtbaar worden die het blote oog niet waar kan nemen. Ook kan een foto onscherp worden door beweging van de camera zelf. Om die beweging uit te bannen neemt men vaak als regel dat de sluitertijd minstens de brandpuntsafstand van het objectief moet zijn. Dus bij een brandpuntsafstand van 50mm moet de sluitertijd 1/50 seconden zijn en bij een afstand van 200mm moet hij dan 1/200 seconde zijn. Om een bewegend onderwerp goed'"bevroren" vast te leggen is een sluitertijd van 2x de brandpuntsafstand aan te raden dus bij 200mm een sluitertijd van 1/400 seconde. _______________________________________________________ Digitale zoom Behalve de naam heeft dit niets te maken met de echte zoom van een digitale camera. Bij digitale zoom wordt uit de gemaakte foto een deelvergroting gemaakt en vervolgens wordt deze uitsnede opgeslagen als nieuwe foto. Hierbij moet je er rekening mee houden dat de resolutie van de foto evenredig afneemt met het aantal keer dat je digitaal inzoomt. _______________________________________________________ Compositie Het ordenen van beeldelementen volgens een vooraf bepaalde strategie. _______________________________________________________ Beeldhoek De beeldhoek bepaalt hoe een beeld wordt waargenomen. Wanneer een mens recht vooruit kijkt beslaat de beeldhoek ongeveer 45 graden. Objectieven kunnen door een specifieke optische constructie een totaal andere beeldhoek aannemen. Hierdoor is het mogelijk om een grotere of kleinere hoek dan de standaard 45 graden op het beeld te tonen. Bij teleobjectieven is de beeldhoek kleiner. Bij groothoekobjectieven is de beeldhoek daarentegen een stuk groter. Tevens wordt de beeldhoek beïnvloed door het standpunt van waaruit een foto genomen wordt. _______________________________________________________ Reflectiescherm Een reflectiescherm is een scherm dat in de fotografie gebruikt wordt om het licht te reflecteren. Zowel licht van de zon als bijvoorbeeld licht van studiolampen wordt via het scherm gereflecteerd om bijvoorbeeld schaduwpartijen bij een opname goed te kunnen belichten. _______________________________________________________ Beeldverhouding De beeldverhouding geeft aan hoe de hoogte en de breedte van een afbeelding zich tot elkaar verhouden. Bij veel spiegelreflexcamera's worden de foto's genomen in het 2:3 formaat. Dit wil zeggen dat als de hoogte van een foto 10cm is, dat dan de breedte van de foto 15cm is. Deze verhouding werd vroeger ook gebruikt bij analoge camera's. Digitale compactcamera's slaan de foto's meestal op in het 3:4 formaat. Als de foto dan 15cm hoog is dan is de lengte 20cm. Computer beeldschermen en televisies hebben vaak ook in het 3:4 formaat. _______________________________________________________ LCD Een LCD scherm (Liquid crystal display) is een scherm dat bestaat uit vloeibaar kristal. Deze platte schermen nemen minder ruimte in dan de traditionele CRT schermen en ook geven ze een rustiger beeld dat niet flikkert. Wel zijn LCD schermen duurder dan de CRT schermen. _______________________________________________________ EXIF EXIF staat voor Exchangeable Image File. Behalve de beeldgegevens wordt ook deze extra informatie in het beeldbestand geschreven. De EXIF bevat nuttige informatie zoals datum en tijd van opname, maar ook veel technische gegevens van de foto zoals sluitertijd, diafragma, witbalans, brandpuntsafstand, ISO waarde etc. _______________________________________________________ RAW Type bestand, wat het negatief van een foto genoemt word. Bij een raw bestand is de specifieke informatie per pixel nog aanwezig waardoor foto's nog aangepast kunnen worden op de computer zonder dat er kwaliteitsverlies optreedt. _______________________________________________________ Bitmap Een bitmap is een afbeelding in digitale vorm waarbij van elke beeldpunt (pixel) de kleur wordt vastgelegd. Het nadeel van een dergelijke afbeelding is dat bij het vergroten van de afbeelding de afzonderlijke pixels zichtbaar zullen worden. De tegenhanger van een bitmap is de vectorafbeelding. Bij dit type afbeelding kan de afbeelding zonder kwaliteitsverlies uitvergroot worden. _______________________________________________________ TIFF TIFF staat voor Tagged Image File Format. Dit is een gecomprimeerd beeldformaat waarmee foto's zonder kwaliteitsverlies worden opgeslagen. Nadeel is de grotere bestandsgrootte dan bij foto's die opgeslagen zijn in het JPEG formaat, welke echter wel kwaliteitsverlies kan opleveren.   Fotobegrippen: